Image Image Image Image Image
Scroll to Top

To Top

Strafzaken

10

mrt
2019

In Strafzaken

By F.P. Slewe

Wet Computercriminaliteit III

On 10, mrt 2019 | In Strafzaken | By F.P. Slewe

Op 1 maart 2019 is de wet Computercriminaliteit III in werking getreden. Deze wet beoogt het juridische instrumentarium voor de opsporing en vervolging van computercriminaliteit te versterken.

Kort samengevat bevat de wet de volgende wijzigingen:

  • Er wordt een nieuwe bevoegdheid gecreëerd voor de daartoe aangewezen opsporingsambtenaren om onder voorwaarden een geautomatiseerd werk, dat in gebruik is bij een verdachte, op afstand heimelijk binnen te dringen om bepaalde onderzoekshandelingen te verrichten (artt. 126nba, 126uba en 126zpa Sv (nieuw)).
  • Aanpassing van de regeling van de bevoegdheid van de officier van justitie om met machtiging van de rechter-commissaris te bevelen dat gegevens op internet ontoegankelijk worden gemaakt (art. 54a Sr jo art. 125p Sv (nieuw)).
  • Het wederrechtelijk overnemen van niet-openbare gegevens en het verwerven, voorhanden hebben of bekend maken van door misdrijf verkregen niet-openbare gegevens (“heling” van gegevens) wordt strafbaar gesteld (artt. 138c en 139g Sr (nieuw)).
  • Het verruimen van de strafbaarstelling van het verleiden van minderjarigen tot ontucht en ‘grooming’. Ook het verleiden van zgn. ‘lokpubers’ tot ontucht en ‘grooming’ wordt strafbaar gesteld (artt. 248a en 248e Sr (nieuw)). Volgens de wetgever betreft een ‘lokpuber’ een politiefunctionaris die zich voordoet als minderjarige dan wel als een kind onder de zestien jaar. Burgerinitiatieven hiertoe valent echter niet geheel uit te sluiten, aldus de wetgever.
  • Online handelsfraude wordt strafbaar gesteld (art. 326d Sr (nieuw)). Hiermee wordt de mogelijkheid geboden strafrechtelijk op te treden tegen personen die een beroep of gewoonte maken van het aanbieden van goederen of diensten op het internet, zonder de intentie om de goederen of diensten daadwerkelijk te leveren.